Wat je nog niet wist over droge pasta

Een belg eet gemiddels bijna 5,5kg pasta per jaar. Dat zijn zo’n 11 pakken spaghetti/penne/ fussili/ linguine of andere. Stapel die eens op, da’s best een hoop! En geloof me, ik eet er misschien wel meer. Pasta is een van mijn favoriete producten, puur omdat het heerlijk simpel te bereiden is, snel en dat je er zo veel verschillende gerechten mee kan maken. Ik hou van pasta, echt, zet me op een levenslang dieet van pasta (en pizza, duh!) en ik blijf voor eeuwig gelukkig. (Nee mopje, maar je begrijpt wat ik bedoel.)

Sinds een tweetal maanden werk ik op zaterdag bij een Italiaanse traiteur in Antwerpen-Berchem. Hij leerde me al veel bij over pasta. Maar ook vorige week, toen ik in Brussel was uitgenodigd door Belcampi  om kennis te maken met het eerste 100% Belgische pastamerk, kregen we een uitgebreide voorbereiding aan pasta-weetjes.

Droge pasta bestaat uit twee ingrediënten

Niet gelogen, originele pasta bestaat enkel en alleen uit harde tarwe (durum) en water. Dit is een belangrijk aspect waarop je moet letten als je pasta koopt. Deze pasta van 100% durummeel (= semolina) kookt het beste “al dente” en blijft haar textuur behouden ook na het afkoelen en heropwarmen. Goedkope pasta, waar ook zachte tarwe aan wordt toegevoegd, gaat tijdens het koken sneller aan elkaar kleven en de textuur is vaak zacht en papperig. De textuur gaat bij het heropwarmen alleen nog verder achteruit. Ja, er is dus effectief wel een groot verschil tussen pastasoorten.

Semolina
Semolina

! In verse pasta zit vaak een mengeling van harde en zachte tarwe. Ook worden daar vaak eieren aan toegevoegd.

!! Je kan ook gedroogde eierpasta kopen.

Ja, de vorm van de pasta speelt een rol bij de keuze van de saus.

Over het algemeen geldt, hoe dunner, lichter en delicater de saus, hoe hoe dunner de pastavorm die je kiest. Deze lange pastasoorten zoals spaghetti, buccatini, spaghettini, capellini serveer je sauzen zonder al te veel stukjes ingrediënten. Denk aan.. pasta pesto, pasta carbonara, pasta aglio olio, …

Hoe rijker, grover en dikker de saus, hoe groter/grover/dikker de pastavorm die je kiest. Denk aan onze Belgische bolognèse, met grove stukken groenten en vlees. De Italianen zouden dit soort saus een ragu noemen, en er nooit spaghetti bij serveren, maar eerder een grovere of korte pastavormen of tagliatelle, die breder is in oppervlakte dan de mainstream spaghetti. (PS – spaghetti bolognèse bestaat eigenlijk niet in Italië.) Andere pastasoorten voor rijkgevulde sauzen zijn farfalle, rigatoni, orcchiette, fusilli, maccheroni …

Pastasoorten Belcampi
Pastasoorten Belcampi, 100% Belgische pasta

Holle pastavormen passen bij verschillende soorten sauzen, maar de holtes zijn speciaal voorzien voor kleine ingrediënten die je minder makkelijk met je vork kan prikken, zoals stukjes olijf, erwten etc. denk aan penne, conchiglie rigate, lumache rigate, rigatoni, …

Kleine pastavormen worden in soepen gebruikt, soms ook in koude pastasalades. Ik heb het over vermichelli, chifferini rigatini, lumachine, orzo, parelcouscous …

Grote pastavormen dienen om te vullen in ovenschotels (pasta al forno) of te gebruiken in pastasalades met daarin grove ingrediënten. Denk aan eliche giganti, conchiglioni gigante …

De regels zijn uiteraard niet strikt, je gebruikt in de eerste plaats natuurlijk de pastavorm die je zelf het leukst of lekkerst vindt. Dat doe ik ook! 😀 Deze guidelines kunnen je misschien al wel wat helpen.

Rummo pastasoorten
Rummo pastasoorten

Zo kook je pasta

Je kan pasta doen mislukken. Ik heb het al gezien bij vriendinnen, sorry schattebollen. Maar met de twee regels die ik je nu ga verklappen, kan het nooit meer misgaan.

  • gebruik voor elke 100g pasta een liter water
  • gebruik voor elke liter water 10g zout

Zo simpel is het. Het gebruik van voldoende water is belangrijk opdat je pasta niet aan elkaar zou gaan kleven of aan de pot. Want pasta verliest best van zetmeel in het water. De hoeveelheid zout is ook belangrijk omdat het je pasta smaak geeft. Ja het lijkt veel, maar het meeste zout giet je gewoon weer weg na het koken.

10g zout
Zo ziet 10g zout eruit

BELANGRIJK:

  • Zout voeg je pas toe, nadat je water kookt. Gezouten water heeft meer tijd nodig om aan de kook te geraken.
  • Je hebt geen olie nodig in het pastawater.
  • Gebruik een deksel op je pot, zo heb je minder energie nodig om water kokend te houden.
  • Roer regelmatig in je pot met pasta.
  • Na het koken spoel je je pasta niet met koud water. Anders spoel je alle zetmeel eraf die er net voor zorg dat de saus aan je pasta gaat kleven.
  • Na het afgieten meng je je pasta onmiddelijk met saus. Op deze manier gaat je pasta niet aan elkaar kleven.
  • Maak je een koude pastasalade? Roer om de 10 à 15min door je pasta (met saus) tot hij volledig is afgekoeld opdat je pasta niet aan elkaar zal kleven.

Kwaliteit telt

Niet alleen wat betreft pasta, maat ook de kwaliteit van de ingrediënten waarmee je je saus maakt is van belang. Zo is er een groot verschil tussen goedkope en kwalitatieve ricotta. Of echte pancetta en budgetspek. Gewone tomatenblokjes of zongerijpte San Marzanotomaten in zijn geheel. Budgetgehakt vol water, of kwalitatief al dan niet biologisch gehakt. Natuurlijk shopt ieders naar zijn portemonnee. Maar ik raad wel aan om zowel je pasta, als het steringrediënt in je gerecht, een beetje extra aandacht te geven. 🙂

Kwalitatieve pastasoorten
Kwalitatieve pastasoorten

bronnen: hln.be, de Pasta Bijbel, Belcampi, Pasta Rigoletto

Continue Reading

Paprikapoeder: wist je dat … 

Paprikapoeder zijn smaak verliest

Je paprikapoeder maar 6 maanden kan bewaren? Echt waar, in tegenstelling tot andere gedroogde kruiden verliest paprika effectief zijn smaak. Ik daag je uit om het zelf te testen. Proef eens van het potje , dat je misschien – net als ik – al bijna twee jaar in je keukenkast hebt staan. Oud paprikapoeder smaakt muf, smaakt eigenlijk nog amper naar paprika en heeft een okerbruine kleur. 

Je paprikapoeder in de diepvries moet bewaren

Ik leerde dit van mijn goede vriend Péter uit Budapest. De Hongaren zijn namelijk wereldwijd beroemd om hun pepers en rode poeder. Hij stuurde me een verse halve kilogram, geroosterd in oktober dit jaar. Om het poeder zo lang mogelijk vers te houden, raadde hij aan om het in de diepvriezer te bewaren. Eventueel in kleine zakjes verdeeld, in een doosje. Waar je telkens je keukenpotje mee kan aanvullen.

Er verschillende soorten (Hongaars) paprikapoeder zijn

Als je paprikapoeder koopt, ga dan meteen voor het Hongaarse spul. Kruiden zijn over het algemeen niet duur, dus als je geeft om de smaak van je gerechten, raad ik je altijd aan te investeren in wat goede basisproducten. Goed, Hongaars paprikapoeder is heel smaakvol en je hebt de keuze uit 3 soorten: zoet, pikant en gerookt. Het zoete poeder is afkomstig van zoete paprikapepers, maar heeft geen zoete smaak. Dit zouden wij het “normale” paprikapoeder noemen. De pikante variant, van een pikantere versie van paprikapepers en bij de gerookte variant krijgt haar smaak doordat de zoete pepers na het drogen eerst nog worden gerookt. (Binnen deze drie varianten worden nog verdere verdelingen gemaakt, maar die ga je hier in België niet snel vinden.)

Hongaarse paprika vind je in sommige supermarkten, Dille & Kamille, online, … Kijk zeker goed naar de vervaldatum en als het erop staat, wanneer het poeder verpakt is. Je wil je paprikapoeder zo vers mogelijk. Edes of Edelsüss is zoete poeder, csipos is pikant.

Paprikapoeder niet hetzelfde is als chilipoeder

Paprikapoeder wordt niet gemaakt van de dikke paprika’s zoals wij ze hier kennen. Maar van langwerpige varianten van zo’n 12cm lang. Ze lijken een beetje op grote chilipepers, maar zijn daarom niet altijd pikant. De paprikapepers worden gedroogd in de zon en daarna vermalen. Chilipoeder daarentegen wordt gemaakt van kleine chili’s. Jeweetwel, die kleine spicy varianten die je ook vers in de supermarkt kan kopen. 

Continue Reading

Budapest voor foodies

Vrienden die me goed kennen weten dat ik mijn foodie-hart heb verloren in Budapest. Een fantastisch mooie, cultureel diverse maar vooral heel erg lekkere stad. De eetcultuur die er heerst is niet in een woord te omschrijven. Ze is beïnvloed door Italië, door West-Europa, je vindt er de typische Oostblok keuken terug alsook invloeden uit het Midden-Oosten.

Je bent al eens in Budapest geweest maar was niet onder de indruk van de keuken? Wel… je moet natuurlijk wel de juiste plekjes kennen en weten wat je moet bestellen. Net als in alle andere grootsteden vind je in Budapest veel typische toeristenrestaurants. Die wil je natuurlijk mijden. 😉 

Wat moet je eten in Budapest?

Strüdel

Een hongaarse strüdel heeft wel wat weg van haar Oostenrijkse variant, al wordt de Hongaarse versie met brickdeeg gemaakt in plaats van bladerdeeg. Ook de vulling is anders… of laten wet zeggen diverser! Een strüdel in Hongerije vind je ook wel met appels, maar veel traditioneler is er een met zure kersen, maanzaad of walnotencrème.

Verschillende strudels bij Strudel Hugo
Verschillende strudels bij Strudel Hugo

Gulyas – Goulash

Om met een met de klassieker in huis te vallen. Gulyas uit Hongarije is compleet anders dan de goulash die wij hier thuis eten. Het is een maaltijdsoep op basis van rundsvlees, aardappel, wortel knolselder en paprikapoeder, en geen stoofpotje vol met paprika’s en tomatensaus. Dat zit zelfs niet in de originele versie 🙂

Gulyas in het Stand restaurant
Gulyas in het Stand restaurant

Hartige gevulde pannenkoeken (hortobágyi palacsinta)

Ik heb ze nog niet zelf geproefd… maar ze zien er super uit. Flensjes, zo zacht als wij ze kennen, maar dan zonder suiker. Ze worden gevuld met vlees en overgoten met een paprikasausje. Deze staan op mijn lijstje om uit te proberen!

hortobágyi palacsinta (bron: gasztromanko)
hortobágyi palacsinta (bron: gasztromanko)

Varkensvlees

De Mangalica is een speciaal Hongaars varkensras. Erg lekker! Naast dit typische ras vind je verder ook allerlei andere soorten vleesproducten: zoals gedroogde worsten, pikante paprikaworsten, bloedworsten, leverpatés, etc. (Varkens)lees is een erg belangrijk product in Hongarije.

Vleestoog in markthal
Vleestoog in markthal

Gevulde groenten

Net als in de rest van Oost-Europa vullen de Hongaren graag hun groenten op. Of het nu gaat om tomaten, uien, paprika’s of koolbladen, de smaak zit steeds goed.

Gevulde kool (bron: Tripadvisor)
Gevulde kool (bron: Tripadvisor)

Hongaarse dumplings

In plaats van rijst of aardappelen, eten ze in Hongarije bij hun stoofpotjes en soepen voornamelijk eigengemaakte eiernoedels of dumplings. De dumplings hebben de gekste vormen en hebben een boterzachte textuur. Je kan ze makkelijk zelf maken, maar ze worden ook gedroogd (net als pasta) verkocht in de winkel.

Hongaarse dumplins (Nokedli)
Hongaarse dumplins, Nokedli (bron: norecipes.com)

Zoete aardappelbroodjes: Pogacsa

Deze kleine broodjes, ze doen qua vorm een beetje denken aan scones zijn een heerlijke traktatie uit de hand of als hapje bij het eten. Ze worden gemaakt met een basis vaan aardappels, melk, en bloem. Er zijn een paar smaakvariaties, zoals bv. met kaas en uiteraard… met paprikapoeder. Geloof me, deze moet je geproefd hebben!

Pogácsa
Pogácsa (bron: Guide Francophone Budapest)

Langos

Een van mijn absolute favorieten uit Hongarije, en sowieso ook het meest calorierijke gerecht van allemaal. Ook dit gefrituurde deeg heeft een basis van aardappelen. Het wordt geserveerd met knoflook, zure room en geraspte kaas. Ideaal voor een avondje stappen om een “bodempje” te leggen.

Langos
Langos

Gepekelde groeten

Omdat bij elk gerecht een zuurtje hoort. Je vindt heuse pekelwinkeltjes in heel de stad en in de verschillende markthallen.

Pekelwinkel
Pekelwinkel

Wijn

Nog iets waar je misschien niet meteen aan zou denken, maar ook in Hongarije wordt wijn geproduceerd. De Tokay-regio is de beroemdste wijnregio van het land. Ik kan je hier niet zo veel over vertellen gezien ik geen echte wijnkenner ben, maar ik heb tijdens mijn verblijf het geluk gehad enkele absolute toppertjes te mogen proeven in het Stand restaurant. Probeer ook zeker eens een Hongaarse schuimwijn! Ik heb een wijnhandeltje toegevoegd aan de kaart hieronder waar je deze toppers kan kopen.

Hongaarse schuim- en roséwijn
Hongaarse schuim- en roséwijn

Waar moet je eten in Budapest?

Het restaurantlandschap van Budapest verandert voortdurend. Het is dan ook een must om regelmatig terug te gaan 😉 Maar om je alvast een basis mee te geven van fantastische restaurants, koffie- en lunchbarretjes, maar ook marktjes en delicatessenwinkels, heb ik onderstaande kaart gemaakt. Klik op de link om in te zoomen en culinair Budapest te ontdekken.

Budapest for foodies
Budapest for foodies

Met dank aan Péter Bratincsac!

Continue Reading

Gebraiseerd witloof

Het leren eten van bepaalde groenten is niet altijd zo evident. We hebben van nature namelijk een afkeer van bittere stoffen die aanwezig zijn in bv. spruitjes of witloof. Het is ons oermensmechanisme dat ons wil beschermen tegen giftige planten. Een handigheidje vroeger, maar ik kan je verzekeren dat er vandaag de dag nog weinig giftigs op je bord terecht zal komen.

Maar hoe leren we onszelf dan toch om deze oerreflex te overwinnen. En bitterheden, zoals koffie, uiteindelijk lekker te vinden? Het antwoord is simpel: veel proeven, maar ook het product zo bewerken of aanpassen dat je de nadruk niet meteen ligt op het bittere aspect. Denk maar aan de melk en suiker die je in je koffie doet, het roosteren van spruitjes of het braiseren van witloof. Bij deze twee laatsten worden twee eenvoudige technieken toegepast die eten instant een betere smaak geven. Het gaat om de Maillard reactie en om karamelisatie .

Bij gebraiseerd witloof worden de twee technieken gecombineerd waardoor je bittere stronkje loof letterlijk wordt omgetoverd tot een smaaksensatie!

Gebraiseerd witloofac
Gebraiseerd witloofac

Wat heb je ervoor nodig? (2p)

  • 3 stronken witloof
  • 50g boter
  • 2 el honing
  • witte peper, zout, nootmuskaat
  • aluminiumfolie of bakpapier
  • deksel, net kleiner dan de pan

Hoe begin je eraan?

  1. Maak het witloof klaar: snij het kontje eraf, snij de stronkjes in de lengte door en verwijder het het bitterste deel in het midden. (zie foto onder het recept)
  2. Zet een brede lage pan (groot genoeg, al je halve stronkjes moeten erin kunnen) op een middelhoog vuur. Smelt de boter. Ja je hebt nu veel boter, maar die heb je nodig!
  3. Leg alle halve stronkjes in de pan met boter, met de platte kant naar beneden en druk ze goed aan. Kruid met witte peper, zout en nootmuskaat en laat 2min aanbakken.
  4. Zet het vuur laag en leg een vel aluminiumfolie of bakpaper over het witloof in de pan. Druk dit goed aan en leg het deksel erop om wat druk te creëren. Laat nu het witloof 15 min met rust.
  5. Na 15min kan je al eens checken hoe je witloof eruit ziet en voeg je de honing toe. Bedek opnieuw met de aluminiumfolie of het bakpapier en laat nog 5min karameliseren.
    1. Ook de suiker in de boter zorgt al voor een eerste karamelisatie, maar voor zoetebekken als ik geeft die honing toch nog net dat tikkeltje meer.
  6. Serveer en geniet van je perfect gebraiseerde witloof als bijgerecht of gebruik de stronkjes in een quiche. Zo makkelijk!

EXTRA witloof tip

Maak je wel eens witloof met kaas en hesp? Hiervoor kook je je witloofstronken in zijn geheel. Het bitterste gedeelte van de groente blijft dus zitten. Om de bitterheid toch wat te gen te gaan, kan je een glaasje sinaasappelsap toevoegen aan het kookwater. Laat het witloof ook steeds goed uitlekken en uitdampen vooraleer je het in de hesp rolt.

Bitterste deel van witloof
Bitterste deel van witloof
Continue Reading

15 Portugese specialiteiten die je niet mag missen!

Ga je naar Portugal en ben je benieuwd naar de gerechten die de portugese keuken zo speciaal maken? Stel dan alvast vooraf je lijstje samen met gerechten die je niet wil missen. De Portugese keuken bevat uiteraard nog veel meer lekkers dan wat ik hieronder heb opgelijst, maar er zijn nu eenmaal ook dingen die je zelf moet ontdekken. 🙂

Bacalhau

Bacelhau of kabeljauw is een echte lekkernij in Portugal. Ze eten hem op vele verschillende manieren.Vaak kom je hem “gedroogd en gezouten” tegen op de marktjes. Laat dit je niet afschrikken, want in gerechten komt deze vis helemaal opnieuw tot leven!

Octopus

Sowieso is alle vis en zeevruchten in Portugal overheerlijk, toch springen de octopussen er een stukje bovenuit. De portugezen eten hem het liefst in knoflookolie op de gril met wat peper en zout. Heel eenvoudig, om alle smaken goed tot zijn recht te laten komen.

Sardientjes

Vers zijn ze op hun best van juni tot september, maar je kan ze het hele jaar door kopen in kleine mooie concerveblikjes. De portugezen hebben er een sport van gemaakt om deze visjes zo lekker mogelijk te bewaren. Zowel voor de smaak als voor de looks is het een leuk souveniertje om mee naar huis te nemen.

Kalfsvlees

Het vlees in portugal is van ongeloofelijke kwaliteit, echt serieus. Ik heb nog nergens zo’n lekker vlees gegeten en dat voor relatief weinig geld. voor een mooie dikke steak die smelt in je mond betaal je in een goed restaurantje buiten de stad zo’n 13 euro!

Tarde de Amêndoa

De cruncy amandelcake, een eenvoudig en populair portugeel nagerechtje.

foto van http://www.teleculinaria.pt

 

Bolo de arroz

Deze cakejes zie je overal in de plaatselijke pasteleria’s liggen, vlak naast de pastel de nata’s. Het zijn een soort van portugese muffins gemaakt van rijstbloem.

foto: http://bimbyworld.com/

Pastel de nata

Een bladerdeeggebakje gevuld met een luchtige pudding en afgewerkt met kaneelpoeder. Het klinkt eenvoudig maar dit gerecht is een waar meesterwerkje. De lekkerste variant van dit gebakje vind je in Lissabon in de Pasteleria de Bélem, waar je de gelijknamige Pastéis de Bélem kan kopen. Het is een must om een half dagje uit te trekken om Bélem te gaan verkennen.

Vinho verde

Een (meestal) witte wijn helemaal uit het uiterste Noorden van Portugal. Het is geen groene wijn, maar wel een wijn gemaakt van jonge druiven. Hij heeft een relatief laag alcoholpercentage (max. 12°) en smaakt lekker fris in de zomer. Sommige vinho verdes hebben trouwens een licht bruisende toets. Je vind ze in de meeste restaurantjes gewoon op de wijnkaart. (Er bestaan ook rode vinho verde wijnen!)

Porto

Ja uiteraard kan deze niet ontbreken! Uit de Portugese wijngaarden in het noorden  komt niet alleen fantastische wijn maar ook de sterkere (zoete) wijnvariant Porto. Deze werd “per toeval” ontdekt toen men manieren zocht om wijn langer goed te houden tijdens lange zeereizen. In de Dourostreek rond Porto kan je verschillende portokelders en wijngaarden bezoeken waar je ze alles kunnen vertellen over dit lekkere drankje. Proeven mag natuurlijk ook. 🙂

Francesinha

De franceshinha is een soort van portugees fastfood. En dan niet in de trend van “hamburgers en frieten” neen dit gerecht gaat qua aantal caloriën daar nog een stuk boven. In se is het een soort croque monsieur, maar dan met een aantal extra’s. Tussen je twee sneden brood zit o.a. steak, hesp, worstjes, kaas, met daarbovenop nog eens extra kaas, een ei en een pikante rode saus. Ik heb het gerechtje zelf niet geprobeerd, maar de Portugezen zijn er echt verlekkerd op. Probeer dit gerecht in Porto in café Santiago, dit café zou de beste Francesinha hebben!

foto: http://chankymonkey.blogspot.pt

Portugese worsten

Hoewel Portugal een land is waar vis en zeevruchten centraal staan, kunnen ze ook genieten van goed vlees en lekkere worsten. De worsten van Portugal zijn uitzonderlijk zacht, Ze worden vooral gebruikt in gerechten en niet zozeer als aperitief. Ze snijden de worsten in plakjes die ze eerst opbakken om ze daarna met rijst of aardappelen te serveren.

Zoek naar worsten zoals: alheira, farinheira en morcela

Caldo Verde

Portugese groene koolsoep met aardappelen en stukjes worst.

foto: http://www.oliviascuisine.com/caldo-verde/

Prego No Pao

In Portugal doen ze niet aan smoskes, wel lunchen ze smiddags met een broodje gegrilde steak. Opnieuw komt hier weer de eenvoud van de Portugese keuken duidelijk naar boven. Met goede producten in huis heb je geen ingewikkeld recept nodig om lekker eten op tafel te zetten.

foto: tripadvisor

Queijo da Serra

Ja, in Portugal maken ze ook kaas. En deze valt best in de smaak! De Queijo da Serra is een extreem zachte (zeg bijna lopende) schapenkaas. Deze wordt gegeten met wat brood als aperitief.

foto: www.centerofportugal.com/

 

 

Kweepeerconfituur

Portugezen houden van zoet, ook op brood en bij hun kaas. Een van hun speciale concerven is de kweepeerconfituur. Mijn favoriete kweepeerconfituur van Portugal is deze met pompoen, kaneel en amandelen. Je kan hem zo in de supermarkt kopen, of zelf maken natuurlijk 😉

foto: www.davidlebovitz.com

Ongetwijfeld staan er nog heel wat gerechten niet in dit lijstje. Laat het me zeker weten als ik nog iets extra moet toevoegen!

Continue Reading

Porto, een foodtrip

Het was de laatste dagen een beetje rustiger op Zomaar Lekker, zowel ik als Betty waren op vakantie. Regelmatig genieten en tijd nemen voor jezelf blijft in onze ogen dé succesfactor voor een gelukkig leven. Zeker wanneer alles vandaag de dag zo snel moet gaan.  

Mijn vakantie ging naar Portugal. Mijn trip begon in Porto, ging verder naar Obidos en Sintra om dan te eindigen in Lissabon. Gewoon in mijn eentje, dat vind ik nog altijd de zaligste manier van reizen. Dan moet je ook met niemand rekening houden of ruziemaken over wat je wil gaan doen 😀 . Ik vertel jullie in deze blogpost graag wat meer over mijn eerste stop: Porto.

Heb je zelf reisplannen voor Porto? Check dan de website van TUI.be voor leuke hotels in Porto en rondreizen in Portugal.

Porto

Portugal is een prachtig land, vol vriendelijke mensen, lekkere wijnen en heerlijk eten. Vooral het noorden van Portugal heeft me op culinair vlak goed verwend. Maar dat kwam misschien opdat ik in Lissabon een probleem had met mijn voet en enkel tot in de toeristische restaurantjes geraakte. Dan wordt je inderdaad nogal snel teleurgesteld. Een goede tip is om steeds wat buiten het centrum te gaan, of de locals te vragen waar je écht lekker Portugees kan eten!

Porto is een stad bomvol smaken, je gaat ernaartoe om de Portowijnen te proeven en de heerlijke wijnen uit de Dourovallei. De Douro is de rivier die door Porto stroomt, en waar langs de flanken in het Noorden vele wijngaarden liggen. En deze kan je gaan bezoeken! Neem als je in Porto bent zeker de tijd om met de boot (maar dat gaat vrij traag) of met de trein tot in Régua of Pinhao te reizen, het uitzicht tijdens deze reis is fe-no-menaal mooi. En aangekomen in een van deze twee stadjes kan je wijngaarden gaan bezoeken, bv. van Sandeman in Régua. Je kan lekker eten aan het water en genieten van de plattelandsrust. Ikzelf trok met een vriendin van het hostel naar Régua, waar we door locals werden doorverwezen naar een Portugese cantina met het lekkerste eten ooit + supergoedkoop! Als je in Régua bent, zoek dan naar Restaurante O Maleiro. Geloof me… de het is waard om een hele dag uit te rekken om hier naartoe te gaan. 🙂

Douro rivier
Sandeman wijngaard in Régua
Kalfssteak met gegrilde aardappelen in knoflookolie en groene boontjes

Wijntjes en port

In Porto zelf kan je ook ontzettend goed eten, maar je mijd best de restaurantjes waar de toeristen naartoe gaan (uiteraard). Ga in Porto ook zeker eens een portokelder bezoeken. Zelf bezocht ik deze van Taylors. Die heeft een prachtige, informatieve toer en na afloop kan je hun port proeven in de tuin met uitzicht op de stad. In de tuin liepen ook enkele pauwen en babypauwen rond, heeeeeel schattig! 🙂 (Ook Grahams zou een geweldige tour hebben!)

Taylors porto kelder
pauw kuikens

Sight seeing

Nog een must-do in Porto is de free walking tour hiermee leer je op drie uurtjes de stad en haar geschiedenis beter kennen. De gidsen leiden je door verborgen steegjes en laten je na afloop de beste chocoladecake van Porto” proeven in een klein bakkerijtje.

Waar de tour niet langsgaat, maar wat je ook zeker moet bezoeken is de Lello bibliotheek, een prachtige bibliotheek in het centrum waar J.K. Rowling (de schrijfster van Harry Potter) veel vertoefde en inspiratie vond voor haar boeken. Zij heeft trouwens enkele jaren in Porto gewoond en gaf er Engelse les.

Lello bibliotheek

Naar het strand!

Nog een laatste tip voor iets wat je zeker moet doen als je nog wat tijd over hebt, is naar de kust wandelen. Als je de rivier volgt, zo’n anderhalf uur wandelen kom je aan de kust waar je je handdoek op het strand kan uitleggen. Lang de kust heb je een prachtig zaakje waar je op het terras cocktails en lekkere wijntjes kan drinken, er speelt een DJ rustige muziek en het eten is fantastisch.
Restaurante Praia Do Ourigo werd me aangeraden door een local. Het is niet te missen :).

Restaurante Praia Do Ourigo

Hieronder mijn kaartje met alle leuke, lekkere en mooie plekjes in Porto.

Veel liefs,

Silvy

 

Continue Reading